De Jongen #63 | Athol en het Zanderige Zand

Het viel Eban op dat de blaadjes begonnen te vergelen; het teken dat de herfst was begonnen. Eban stond in zijn kamer tegen het kozijn aan en keek naar buiten. Het raam stond open en hij snoof de frisse lucht in zich op. ‘Eigenlijk moet ik nog huiswerk maken.’ zei Eban tegen zichzelf. Hij sloeg het boek open en bladerde een beetje. De jongen had er niet veel zin in en met tegenzin opende hij ook zijn werkboek. ‘Ja?’ vroeg Eban toen de deur openging en Athol in de deuropening stond. ‘Ja?’ antwoordde Athol. Hij stond daar met zijn witte baard, klein rond brilletje, zijn vriendelijke lach en in een groen gewaad. Hij kwam de kamer ingelopen en ging op dezelfde plek staan, als waar Eban vijf minuten geleden had gestaan, met zijn volle gewicht leunend tegen het kozijn.

‘Ik heb je nodig Eban.’ zei Athol ernstig. Eban ging verzitten en keek zijn overovergrootopa ernstig aan. ‘Mag ik dan ook weten wat er is?’ vroeg Eban zich hardop af. ‘Natuurlijk.’ Athol tikte op zijn ring en er verscheen een grote kaart in de lucht met een gele stip in het bos bij het plaatsje Ellecom. ‘Dit is de plek waar we heen moeten, niet heel ver weg, maar niet heel makkelijk om te komen.’ Eban knikte, maar snapte er niks van. Athol ging verder: ‘Ik denk dat er mensen zich schuilhouden op deze plek, maar ik kan er niet zelf bijkomen. Helaas zal ik erg veel van je moeten vragen Eban.’ Eban knikte en liet zich langzaam vullen met allerlei gedachtes. ‘Niet nadenken Eban. We gaan.’ Eban stond op en volgde Athol naar de kamer met de verkeersbuizen. Eban trok zijn sloffen uit en trok de grote boswandelschoenen aan. Ze stapten in een verkeersbuis en voelden hun lichamen afkoelen. ‘Het Zanderige Zand!’

Ze voelden een plaat bewegen en deinden neer op een grote moerassige zandbank. Athol en de jongen keken elkaar een keer aan en knikte ten teken dat ze konden. Ze keken uit over een enorm moerassig gebied dat de kleur had van goud. Het blauwe licht van de verkeersbuizen verdween en het werd donker. Ze knipperden een paar met hun ogen en konden weer verder. Eban stapte twee stappen naar voren en het ponton begon naar voren te hellen. Hij viel voorover en belande met zijn gezicht midden in de drab van het drijfzand. Proestend werd hij naar boven gesleurd door Athol en veegde met zijn even vieze mouw het zand van zijn gezicht. ‘Drijfzand’, zei Eban.

Het gehele verhaal is ook te lezen als e-book. Klik hier voor meer informatie. 

‘Wie daar?’ Klonk er een stem uit de diepte. Athol en Eban schrokken, ook al wisten ze waarschijnlijk al dat ze niet alleen waren. ´Athol en Eban van Bunder.´ zei Athol. Het ponton begon te schudden en kantelde zo erg dat Athol en Eban allebei in het drijfzand belandden. Ze voelden een glibberige arm langs hun benen heen scheren en zakte zo een centimeter of vijf naar beneden. ´Moest ik hiervoor mee opa?’ Athol keek hem aan en dacht blijkbaar na. Hij hief zijn ringhand op en schudde het zand ervan af. Terwijl Eban zich drukker en drukker maakte en dieper wegzonk in het drijfzand. ‘Prrtt pruuutel!’ Eban’s gezicht bereikte het zandoppervlak. Er verscheen een oppervlakte van hout, dat een soort stellage vormde met een trap en al. Ook verscheen er een touw dat snel werd gespannen tussen twee bomen en waar Athol nog net met het topje van zijn vingers bij kon komen. Hij boog het touw naar beneden en bewoog zich naar Eban die versteviging onder zijn voeten voelde en omhoog werd geduwd. Zo hoog dat hij het touw kon beetnemen, maar samen ook naar boven rezen.

Een boomhut verrees in het drassige moeras. Athol was tot aan zijn middel bedekt met het gele zand. Eban kon je niet meer herkennen zo erg. Van zijn schoenen, sokken tot aan zijn nek en mond zat overal zand. Athol liep een rondje om hem heen en weg was al het zand en blubber.

‘Zo, dat was dat.’ zei Eban tevreden toen hij naar zijn schone jas en broek keek.  ‘Wat hebben we nu ontdekt?’ vroeg Eban zich verder af. ‘We hebben ontdekt dat de houtjakkes toch hier huishoudt.’ ‘Ik snap er weer eens geen snars van.’ zei Eban. ‘Intelligentie daalt diep. ‘Dat is niet waar Eban. Ieder mens bezit intelligentie. Alleen ieder individu gebruikt deze op een andere manier.’


Klik hier voor meer informatie over De Jongen. 

De Jongen (30).png

Advertenties

6 reacties op ‘De Jongen #63 | Athol en het Zanderige Zand

  1. Tijdens het lezen, merkte ik dat ik telkens even moest heroriënteren wat er daadwerkelijk in het verhaal gebeurde. Het bleef daardoor interessant en verrassend. Erg leuk!

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s