De Jongen | #5 De Jongen en Villa Veertig

Vandaag het vijfde deel van mijn eigen geschreven serie. Wil je de serie vanaf het begin lezen? Klik dan hier voor deel 1. 


‘Villa Veertig’, zei de jongen met beheerste stem. 5. De jongen en Villa VeertigDe jongen was weer op zijn lievelingsplek. Hij opende de zilveren poort met zijn ring en liep het met klinkers betegelde pad op, op weg naar de villa. Het zeven trappen tellende bordes vloog voorbij in de wind en hij staarde naar de grote houten deuren. Athol, de betovergrootvader van de jongen, deed de deuren open en verwelkomde hem vrolijk. Hij ging zitten in een luxe grijze fauteuil. De woonkamer grensde direct aan de voordeuren en had een bijzondere uitstraling. De muren waren groen geverfd en de vloer was bedekt met een groen en grijs gekleurd vloerkleed. Tegen de muren stonden eikenhouten dressoirs en tafeltjes met allerlei potjes en pannetjes erop. Tegenover de fauteuil waar de jongen op zat, zat zijn betovergrootmoeder Belle. Zoals gewoonlijk had ze een groen gewaad aan en had ze haar zwarte haar in een knotje. ‘Neem een boterkoekje, mijn jongen’, zei ze vriendelijk en schoof een schaal naar hem toe. De jongen pakte twee koekjes en stak ze in zijn mond.

Athol stond achter Belle bij een deur en wenkte de jongen om te komen. Ze liepen de deur door en kwamen uit in een hal. De hal was reusachtig en er hingen verschillende kroonluchters aan het plafond. De deuren en vloeren waren rood. Er scheen een groene gloed door de groene glas in lood ramen. ‘Weet je waarom deze villa “Villa Veertig” heet’? De jongen schudde van nee en keek gretig naar zijn overovergrootopa. ‘Villa Veertig is zo genoemd om drie redenen. De eerste is omdat de villa Veertig ruimtes heeft.’ Athol keek naar zijn achterachterkleinzoon en zag dat hij nadacht. ‘Ik heb ze inderdaad zelf geteld, het is inclusief de wc’s.’ De jongen keek verrast naar hem op en kreeg een glimlach. ‘De andere twee redenen zijn, is dat het gebouw is gebouwd in 1740. En als laatste omdat het is laten bouwen door mijn overovergrootopa, die toentertijd veertig kilometer had gereisd door dit bos.’

‘Dit is de meest waardevolle kamer en die wil ik je graag laten zien.’ Ze stonden nu naast een deur. Zo’n zelfde houten deur als bij de jongen thuis. De oude man plaatste zijn paarse ring tegen het oog van de deur en deze sprong wagenwijd open. Het was een ruime, open kamer en tegen de muren stonden hoge kasten met verschillende deuren. Ook deze kasten waren van eikenhout  en hadden een donkerbruine uitstraling. In het midden van de kamer stond een tafeltje. Met zo’n zelfde oog erin als in de deur. ‘Gebruik je ring.’ raadde Athol aan. De jongen tikte met zijn ring tegen het oog aan en de deurtjes in de kasten vlogen allemaal open. ‘Het zijn veertig deurtjes, dat is misschien wel de vierde opmerking over de naam.’ De jongen liep naar de kasten toe en zag allerlei verschillende dingen. Goud, kelken, zwaarden, borden, schilderijtjes en nog meer dingen lagen achter de deurtjes. Toch waren nog enkele ruimtes achter de deurtjes leeg, tenminste dat leek zo. In het laatste kastje lag misschien wel het belangrijkste, een kaartje in de vorm van een hart.  Het ene kaartje in de vorm van een hart; voor liefde. ‘Zorg ervoor dat je Camelia bij je houdt, jongen. Het worden zware tijden.’

Die avond liep de jongen weer over het verharde pad in de richting van de bewoonde wereld. Wat bedoelde Athol toch met zorg ervoor dat je Camelia bij je houdt?

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s