#1 De jongen en het feest

1. De jongen en het feestHet was een vroege zaterdagmorgen in mei. Een jongeman liep door de vroege ochtendzon. De jongen had pikzwart haar en heldere blauwe ogen. Achter hem aan wapperde een lang, zwart gewaad. Zijn ogen glommen in het felle licht en voor zich staken de eerste bomen van het bos uit. Hij liep recht op het bos af. Minutenlang liep de jongen richting het bos, tot hij aan het einde van het pad rechtsaf sloeg. Het verharde pad werd nu vervolgd met zand en liep zigzaggend tussen de bomen door. De jongen bleef stevig doorlopen, zodat hij met zijn zwarte schoenen zand wegschopte.

Na ongeveer een halfuur te hebben gewandeld, doemde er aan het einde van het pad een grote villa op. Het is een oud, grijs gebouw met genoeg ramen en deuren. De villa kon je alleen bereiken door een grote trap naar boven op te lopen. De jongen kwam eerst terecht bij een grote zilveren poort. De jongen duwde zijn ring tegen een steen aan en de poort ging zwaaiend open. Hij liep door de poort en het pad naar de villa werd fel verlicht. De lantaarns die het pad verlichtten, dansten vrolijk heen en weer. Net voordat de jongen het bordes op wilde lopen, gingen de deuren met een klap open. Een vrolijke oude man kwam naar buiten en tikte de jongen tegen de schouder, als welkomstgroet.

Samen gingen ze naar binnen en toen werd alles helder wit. Het donkere van buiten was spontaan verdwenen en ook zijn mantel leek minder zwart in het felle licht. Langzaam werden de lichter minder fel, totdat ze bijna helemaal uit waren en het wit veranderde in allerlei verschillende kleuren. Langzaam maar zelfverzekerd keek de jongen de andere gasten aan en trok zijn mantel uit. Er verscheen een mannelijke feestjurk. Deze jurk was erg vrolijk met vele verschillende kleuren. Met een knik richting de stereo-installatie begon de muziek te spelen. Eerst heel rustig, daarna steeds sneller. En nog sneller. De jongen danste mee op de muziek en ook de andere gingen dansen. Het werd een reusachtig feest. Ook de hapjes en de drankjes deden hun best. Met een knik in de richting van hun glas, werd deze automatisch weer gevuld met wat erin zat. De duidelijkste voorbeelden waren bier, boterbier, wodka of champagne.

‘En we doen de boem boem die boegie’ zo klonk het uit de stereo. Meteen toen dit nummer herkend werd, vormden de mensen een hele lange rij en werd de polonaise ingezet. De polonaise duurde misschien wel het langste van een hele avond. Alleen weet niemand hoe lang, waarschijnlijk was het al bijna middag .Ook de oude man met zijn grijze haren en groene ogen deed mee aan de polonaise, samen met zijn veel jongere vriendin die haar zwarte haar in een knotje droeg met een zongele jurk. ‘En we doen de boem boem die boegie’ werd een groot succes die ochtend of was het al middag? Zeg jij het maar, de jongen weet het vast al niet meer. Na een wodka of vier, werd het langzaam tijd om te gaan.

De jongeman rukte zich los uit de polonaise waarmee iedereen toen gauw ophield. Overal lagen glazen en gevallen schalen met lekkers. Hij liep naar de plaats waar hij was begonnen met dansen en trok zijn zwarte, natte mantel weer aan. Zo snel als hij kon vervolgde hij het pad terug, het bos uit. Hij droogde zijn mantel af en liep weer verder. Het verharde pad nam weer vorm aan en de jongen liep richting de bewoonde wereld, alsof er helemaal niets was gebeurd.

Advertenties

10 thoughts on “#1 De jongen en het feest

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s