Writing: De snoeppot

Een hele grote snoepjespot in een veel te kleine ruimte. Zo komt het op mij over. Ik ben een man van ongeveer 60 jaar met een hele grote, dikke buik en op mijn neus staat een bril met lekkere dikke jampotglazen. Door mijn bril heen kijk ik naar een de tafel die midden in de kamer staat met de snoepjespot erop. Ik pak de enige stoel erbij die in deze ruimte staat en ga erop zitten. Mijn blik blijft gefocust op de pot. O, denk ik. Wat zou ik toch graag nog 20 zijn. Jong, energiek en met een veel minder dikke buik. Dat zou nogal prettig zijn. Mijn gedachten dwalen verder af en ik zak wat onderuit. De oogleden worden zwaarder en uiteindelijk vallen mijn ogen dicht.

Op het moment dat ik wakker word, hoor ik een deur achter mij dichtslaan. Mijn gezicht klaart meteen weer op als ik die o zo lekkere, volle pot voor me zie. Ik draai de deksel ervan af, draai de pot een paar keer rond en vis er dan een lekkere paarse octopus uit. Even trek ik een zuur gezicht, want dat zijn ze wel heel erg. Erg zuur. De pot zet ik weer terug in het midden van de tafel. Even kijk ik om me heen. Het lijkt eigenlijk net een politiekantoor met maar één deur en geen friebeltjes op de muur. Mijn neus wordt aangetrokken door een geur dat veel weg heeft van verse munt. Ik moet al lachen als ik eraan denk waar die geur vandaan komt. Ik laat de snoeppot weer deze kant opkomen. Nom nom. De deksel gaat weer open en ik pak een pepermuntje. ik zuig erop en de frisse lucht komt mijn adem tegemoet.

Ik kijk naar beneden en zie een oude, gerafelde krant liggen, de Wall Street Journal. Snel blader ik de krant door, maar niks bijzonders in te lezen. Op de voorpagina stond er echter wel wat leuks. Een hele leuke afbeelding van snoepjes. Werter’s Original, Engelse drop, Twix, Mars, Bounty’s en ga zo maar door. Het water glijd langs mijn mond naar beneden. Zo lekker dit allemaal! De krant sla ik maar dicht, voor ik nog meer ga snoepen. De pot staat daar net zo vredig op de tafel.

Het is tijd om naar huis te gaan. Ik sta op, pak de snoepjespot, doe deze onder mijn jas en loop waggelend de kamer uit. Buiten aangekomen is het fris. Door de lantaarnpalen kan ik net het verschil tussen de stoep en de weg onderscheiden. Linksaf is waar ik ga. De pot gevuld met snoepjes zit veilig onder mijn jas opgeborgen. Net boven de gevel van een huis naast mij vliegt een vleermuis in cirkels door de lucht. Ik kom aan bij mijn eigen huis en steek de sleutel in het slot. Een keer draaien en de deur vliegt open. Ik schop mijn schoenen uit en loop door naar de woonkamer.

Susie zit op de bank met een bord op schoot. ‘De kliekjes van vandaag.’, zegt ze er vrolijk bij. Het ruikt heerlijk in de woonkamer. Susie staat op om een bord voor mij te halen. Snel neem ik mijn plek in op de bank en neem haar bord op mijn schoot. Het is nog warm. Ik prik de vork in een vleesje en breng hem naar mij mond op het moment dat Susie weer de woonkamer in komt. ‘Vreetzak.’, zegt ze kortaf. Ze loopt de kamer uit en ik hoor haar olifantenstappen op de trap. Ik haal de pot van onder mijn jas vandaan en zet deze op tafel. Het half leeggegeten bord zet ik ernaast. Ik kijk nog een keer om naar de tafel en doe dan de deur dicht.

 

 

P.S. Koning Willem-Alexander, gefeliciteerd!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s